dip
Koop een koffie
Module 15 · Regels, waarden & grenzen

Het gesprek over 'maar bij papa mag het wel'

By the dip team · Clinical consultant: Pauline Sam, MD ·

4–78–126 min lezen
Het gesprek over 'maar bij papa mag het wel'

Het gesprek over 'maar bij papa mag het wel'

Module 15 · Discipline, regels & waarden · Artikel 07 · Wave 3 · 4-7, 8-12


Je hebt net nee gezegd tegen een tweede uur schermtijd, of ja-maar-pas-als-je-huiswerk-af-is, of nee-dat-krijg-je-niet-als-avondeten. En je achtjarige komt met de zin die elke mede-ouder vroeg of laat hoort, met de timing van een klein advocaatje. Maar bij papa mag het wel. Of bij mama. Welke ouder het is, wisselt. De zet is altijd dezelfde.

Het is een klein moment en het kan je meer van je stuk brengen dan zou moeten, want het doet twee dingen tegelijk. Het daagt je regel uit, en het haalt het andere huis erbij als bewijs dat je onredelijk bent. De neiging is om of toe te geven, om niet de strenge te hoeven zijn, of om iets terug te kaatsen over hoe het hóórt te gaan bij jou. Allebei die reacties geven het moment meer macht dan het verdient.

Het uitgangspunt. Maar bij papa mag het wel is bijna altijd een kind dat een grens test, niet een kind dat een beleidsverschil rapporteert. Het antwoord dat werkt, behandelt het als de grenstest die het is, houdt de regel van je eigen huis vast zonder drama, en slaat heel bewust de uitnodiging af om te concurreren met het andere huis.

Wat het kind eigenlijk doet

Meestal gaat het helemaal niet echt om het andere huis. Het is een kind dat doet wat kinderen doen: zoeken naar de rek in een grens. Ze hebben een hefboom gevonden die soms werkt, het erbij halen van de mede-ouder, en daar trekken ze aan om te zien of de regel meegeeft.

Kinderen zijn hier goed in. Ze leren al vroeg dat de twee huizen verschillende regels hebben, en de slimme ontdekken dat wijzen naar het soepelere huis een manier is om druk te zetten. Dat is geen manipulatie in een of andere duistere zin. Het is een kind dat een kind is, dat de zwakke plek in de structuur aftast. De achtjarige die zegt maar bij papa mag het wel doet het ontwikkelingsequivalent van leunen tegen een hek om te kijken of het houdt.

Wat ze nodig hebben, is dat het hek houdt. Een grens die meegeeft zodra het andere huis erbij wordt gehaald, leert het kind dat jouw regels onderhandelbaar zijn via vergelijking, en dat is een wankele structuur om in te leven. Een grens die rustig blijft staan, leert het kind dat dit huis nu eenmaal zo werkt, los van al het andere, en dat is precies de stevigheid waar ze onbewust naar op zoek zijn.

Het antwoord dat werkt

De zet is simpel en het kost oefening om hem zonder verhitting te doen. Je houdt de regel vast en je plaatst hem in dit huis, zonder iets over het andere te zeggen.

Misschien mag het daar. Hier doen we het zo. Dat is de kern. Je hebt de bewering niet aangevochten, want dan zou je in een welles-nietes over de regels van het andere huis belanden. Je hebt de mede-ouder niet ondermijnd, want dan zou je het kind leren dat de huizen met elkaar in conflict zijn. Je hebt gewoon, rustig, herhaald dat jouw huis zijn eigen manier heeft en dat die manier blijft staan.

Een paar varianten op dezelfde zet. Zo gaat het misschien bij mama. Bij mij thuis gaat de schermtijd om zeven uur uit. Of: Verschillende huizen, verschillende regels. Dit is de regel hier. De toon doet er meer toe dan de woorden. Verveeld, nuchter, een beetje warm, totaal onaangedaan. Het kind test of de regel stevig is. Jouw rust is het antwoord. Drama, verdediging of een preek over het andere huis: het seint allemaal dat de hefboom werkte, dat je van je stuk raakte, en dat nodigt uit tot nog meer trekken.

Wat je vermijdt, zijn de twee manieren waarop het misgaat. Toegeven, o, vooruit dan, als het bij papa mag, wat het kind leert dat de hefboom werkt. En escaleren, nou, papa heeft het mis en bij ons hebben we normen, wat het kind leert dat de huizen vijanden zijn en dat het aan je kind is om de frontlinie te bemannen.

Trap niet in de uitnodiging om te ondermijnen

Het erbij halen van het andere huis is, naast van alles, ook een kleine uitnodiging om iets kritisch over de mede-ouder te zeggen. Maar bij papa mag het wel legt het bijna voor je klaar. Nou, bij papa mag wel meer, hè.

Doe het niet. Hoe bevredigend die kleine steek ook voelt, het kind betaalt ervoor. Elke keer dat je op maar bij papa mag het wel reageert door papa te bekritiseren, leer je je kind dat het noemen van het andere huis hier voor problemen zorgt, en dat de twee mensen die het kind het dierbaarst zijn, tegenover elkaar staan. Na verloop van tijd noemt je kind het andere huis helemaal niet meer, en dan verlies jij je zicht op het leven daar, en leert je kind twee huizen te managen die niets over elkaar mogen horen.

Je tong inhouden is hier een discipline, en een van de stille belangrijke. Het kind noemt het andere huis, jij ziet af van de steek, je houdt je regel vast, je gaat verder. Dat is het hele ding. Het niet-reageren is het opvoeden.

Wanneer het verhaal wél klopt en het ertoe doet

Soms klopt maar bij papa mag het wel en wijst het op een echte kloof die aandacht verdient. Niet meestal, maar soms. Als wat het andere huis toestaat een oprechte zorg is, een echt onveilig niveau van iets, een regel die ertoe doet voor het welzijn van het kind, dan zit het probleem niet in de grenstest van het kind, maar in een reëel verschil tussen de huizen.

Let alleen op de zet hier. Je lost die kloof niet in het moment op, met het kind erbij, door de regels van het andere huis voor zijn neus te beoordelen. Je houdt nú je eigen regel vast, hier doen we het zo, en je legt de echte zorg later rechtstreeks bij de mede-ouder neer, via het volwassenenkanaal. Het eerdere artikel over het oneens zijn over de aanpak van discipline gaat over dat gesprek. Het testmoment van het kind en de echte beleidskloof tussen de volwassenen zijn twee aparte dingen, op twee aparte plekken afgehandeld. Ze door elkaar halen, door de regels van de mede-ouder via het kind uit te vechten, is precies hoe een klein moment een groot probleem wordt.

En meestal zal het geen echte kloof zijn. Meestal zal het een kind zijn dat dolgraag een uurtje extra schermtijd wil en een hefboom heeft gevonden die het proberen waard is. Houd het hek vast. Dat het hek houdt, is het cadeau.

De zin die je bij je draagt

Maar bij papa mag het wel is een grenstest in het kostuum van een beleidsklacht. Het kind controleert of je regel stevig is, en jouw rustige vasthouden daarvan is de geruststelling waar ze eigenlijk naar op zoek zijn. Houd de regel vast, plaats hem in je eigen huis, zie af van het aanvechten of ondermijnen van het andere huis, en trap niet in de uitnodiging voor een steek. Zit er een oprechte zorg achter het verhaal, houd dan nu je regel vast en breng het echte punt later bij de mede-ouder ter sprake, weg van het kind.

Dat het hek houdt, zonder drama, is wat je kind eigenlijk vraagt, juist terwijl ze ertegenaan leunen.

Als ze zeggen 'maar bij papa mag het wel', checken ze of jouw hek houdt. Laat het houden, rustig, en dat is het antwoord dat ze nodig hadden.

Dit is ondersteunende zelfhulp, geen medisch, psychologisch of juridisch advies, en geen vervanging voor een gekwalificeerde professional. Als jij of je kind in gevaar kan zijn, bel dan de lokale hulpdiensten.